Zorgprogramma Depressie
Iedereen voelt zich wel eens somber. Bijvoorbeeld als er iets onplezierigs gebeurt, zoals conflicten met anderen, tegenslag of ziekte. Soms blijft de somberheid bestaan, alles lijkt kleurloos en je hebt nergens plezier in. Je kunt dan allerlei klachten krijgen, zoals slaapproblemen, eetproblemen, moeheid of schuldgevoelens.
Sommige mensen weten zelf wel waar de somberheid vandaan komt. Voor anderen is de oorzaak helemaal niet duidelijk. Dan is het ook lastig om dit op te kunnen lossen. Die somberheid wordt ook wel depressiviteit genoemd. Depressiviteit kan veroorzaakt worden door bepaalde gedachten, gevoelens of gedragingen die aangeleerd zijn. Wanneer de manier van denken, voelen en handelen verandert, kan de depressiviteit verminderen of zelfs helemaal verdwijnen. Met hulp kunnen technieken aangeleerd worden om de depressiviteit te verhelpen.
 
Het doel van het zorgprogramma Depressie is om bij patiënten met een lichte depressie te voorkomen:
-  dat ze te veel antidepressiva krijgen 
-  om ernstige depressies eerder op te sporen.
Daarom is er in het programma veel aandacht om mensen met een depressie actief te betrekken bij de behandelkeuze en de behandeling zelf.
In het zorgprogramma werken psychologen, speciale praktijkondersteuners, de huisarts, de apotheker, maatschappelijk werkers en een psychiater in een team nauw samen om ervoor te zorgen dat u bij depressieve klachten snel en goed gelopen wordt.
 
Vraag bij uw huisarts of de praktijkondersteuner het boekje ‘Depressie, er is wat aan te doen!’ als u denk dat u hulp kunt gebruiken bij sombere gevoelens.